Categorie archief: Geologie

Ontstaan van steenzoutformaties

De afgelopen weken verscheen er van de hand van ing. S.J. Heerema een artikel in het tijdschrift Grondboor & Hamer. Een tijdschrift van de Nederlandse Geologische Vereniging. Naar aanleiding van dit artikel werd Ing. Heerema geïnterviewd door het Reformatorisch Dagblad. Hij laat in het tijdschrift zien dat de dichtheid zoals die aangenomen wordt door geologen, bijvoorbeeld in het boek Geology of the Netherlands, niet klopt.

Welke mogelijkheden zijn er om het ontstaan van de steenzoutformaties te verklaren? Lees dat hier:

Ontstaan van Steenzoutformaties

Feedback: scheppingsmodel [at] hotmail.com

Nederlands model voor het ontstaan van steenzoutformaties op Amerikaans Congres

De oorsprong van de immense zoutlagen die begraven liggen onder kilometers dikke lagen sedimentair gesteente blijft boeien. De standaard verklaring binnen de geologie is dat het hier gaat om evaporieten. Ing. S.J. Heerema, die van het zoutonderzoek zijn levenswerk heeft gemaakt, verdedigt echter een vulkanisch ontstaan van steenzoutformaties. Ing. Heerema heeft al in diverse tijdschriften zijn model gepubliceerd en op diverse congressen zijn model gepresenteerd [1]. Veel creationisten vinden zijn model aansprekend omdat de vorming van de kilometers hoge zoutpijlers in interactie met snelle sedimentafzettingen nu binnen een zondvloedmodel verklaard kunnen worden.

Ir. G.J.H.A. van Heugten, chemicus en eigenaar van het bedrijf WaaromSchepping [2], is uitgenodigd door de Creation Geology Society (CGS) om het onderzoek van ing. Heerema te presenteren op een congres. Het congres wordt georganiseerd in samenwerking met de Creation Biology Society (CBS) en zal plaatsvinden van 22 tot en met 25 juli in Cleveland, Georgia. Op het congres wordt door 15 wetenschappers creationistisch onderzoek gepresenteerd [3]. Ir. Van Heugten zal op basis van Nederlandse gegevens laten zien dat de zoutpijlers niet langzaam maar catastrofaal in vloeibare fase zijn gevormd. Zijn reis wordt gefinancierd uit een Nederlands fonds dat beschikbaar is gesteld voor Bijbelgetrouw wetenschappelijk onderzoek [4].

Voor wie niet in de gelegenheid is om naar Amerika af te reizen maar toch naar het zoutmodel van ing. Heerema wil luisteren: ing. Heerema en ir. Van Heugten zijn allebei aanwezig op het Graceland Festival van 14-16 augustus 2015 op De Betteld in Zelhem [5]. Om de beurt geven ze daar een presentatie over de zondvloed, waar vervolgens op gereageerd kan worden door de luisteraars.

[1] Voor een presentatie op de conferentieserie Geloof jij het https://www.youtube.com/watch?v=gBnwGOmJ2rY

[2] www.waaromschepping.nl

[3] http://www.eventbrite.com/e/origins-2015-tickets-16864289544

[4] Het abstract zal t.z.t. op de website van CBS te zien zijn.

[5] http://www.gracelandfestival.nl/programma/12-programma/sprekers/124-lezing-zondvloed-feit-of-fictie

Neodarwinisme en de reformatorische belijdenis

Op 11 oktober 2014 was er in Opheusden een symposium dat ik had georganiseerd onder de titel ‘De waarde van de schepping voor wetenschapsbeoefening en ethiek’. Het Reformatorisch Dagblad was aanwezig om verslag te doen en dit verslag verscheen op 13 oktober 2014 in de krant. In die week werd er een reactie op onder andere dit stuk geplaatst en betoogde dr. René Fransen dat christenen het neodarwinisme wel degelijk als scheppingsmethode van God kunnen aanvaarden. Op 23 oktober reageerde ik met de stelling dat het neodarwinisme haaks staat op de reformatorische belijdenis, en dat als je dat wel zou doen, je in een dwaalleer van de gnostiek stapt. Verder betoogde ik dat er onderzoek plaatsvindt door christenen die de Bijbel betrouwbaar achten voor alle terreinen van het leven. Dr. Fransen reageerde hierop door te zeggen dat als je stelt dat het onmogelijk is christen te zijn en het neodarwinisme te accepteren, je de zaak van het evangelie niet verder helpt. Ik wil in deze reactie eens kijken naar zijn argumenten. Dit artikel kon niet meer in het Reformatorisch Dagblad geplaatst worden; de discussie is namelijk door het RD gesloten. Ik wil in het onderstaande artikel alleen op zijn meest recente krantenartikel ingaan.

Voor een pdf van het hele artikel:

Neodarwinisme en de reformatorische belijdenis

Met dank aan Uitgeverij Maatkamp, uitgever van het creationistische boek Wie heeft God gemaakt? voor het controleren van de tekst en de opmaak. [1] [1] http://www.uitgeverijmaatkamp.nl/book/4?p=6 Feedback?: scheppingsmodel@hotmail.com

Een nadere toelichting op het vulkanisch ontstaan van zoutformaties

Opnieuw een gastbijdrage van ing. Stef Heerema. Hierbij geef ik hem weer de gelegenheid om de discussie met Leon van de Berg voort te zetten. Deze bijdrage is overigens niet peer-reviewed.

Ing. Heerema schrijft in zijn voorwoord:
Geoloog Leon van den Berg is niet overtuigd door de antwoorden die ik in april heb geformuleerd. Hij blijft verdedigen dat de reusachtige zoutformaties van honderdduizenden kubieke kilometers (!) puur zout door indamping van een zee zijn ontstaan. Aan de hand van de twintig punten in mijn originele CMI-artikel , waarna de discussie is gestart, zullen we zijn inbreng punt voor punt bespreken.

Met dank aan Uitgeverij Maatkamp, die de tekst corrigeerde, uitgever van het creationistische boek Wie heeft God gemaakt?
Zie ook: http://www.uitgeverijmaatkamp.nl/book/4?p=5

Voor het volledige artikel, klik dan op de onderstaande link:
Nadere toelichting op het vulkanisch ontstaan van zoutformaties

Feedback: scheppingsmodel@hotmail.com

De dichtheid van gesteenten boven het Zechsteinzout in relatie tot diapirisme

Ing. Stef Heerema heeft al even geleden een nieuw stuk aangeleverd over De dichtheid van gesteenten boven het Zechsteinzout in relatie tot diapirisme. Door tijdgebrek ben ik er niet aan toegekomen om het al eerder te plaatsen. Gaarne voldoe ik aan zijn verzoek om het overigens niet peer-reviewde artikel als een gastbijdrage op te nemen op mijn weblog.

Hij schrijft in de inleiding:

De zoutpijlers, zoals die in de zeer diepe ondergrond aangetroffen worden, kunnen kilometers hoog en dik en tientallen kilometers breed zijn. Algemeen wordt verondersteld dat ze zijn ontstaan onder invloed van de druk van de bovenliggende lagen op de onderliggende lichtere zoutlaag. Het zout zou sinds het Trias (+200 Ma) – toen het pakket afzettingen op het zout een dikte van 500 meter overschreed – continu gevloeid hebben tot op heden. Het zoutgesteente verplaatste zich daarbij over soms tientallen kilometers horizontaal en kilometers verticaal. Dit vloeimechanisme staat bekend als diapirisme, halokinese of zouttektoniek.

Citaat uit Geology of the Netherlands:

‘Rocksalt compacts already during early stages of burial to a tight mass with a constant density of 2168 kg/m3. Other sediments show an increase in density with depth owing to cementation and the reduction of pore volume as a function of overburden and pore pressures. Consequently, in near-surface positions, where sand and clay typically show densities of 1200 to 1400 kg/m 3 , halite is relatively heavy, whilst below 500 m it is lighter than surrounding rocks. This results in an unstable situation.‘

Modelvorming om zouttektoniek te onderzoeken wordt uitgevoerd 2 uitgaande van 1 km ‘rocksalt’ begraven onder 3 km sedimentair gesteente met een gemiddelde dichtheid van 2300 kg/m 3 .

Deze uitgangspunten ten aanzien van dichtheden worden niet ondersteund door onderzoek dat de veronderstelde dichtheden van de betrokken gesteenten aantoont. Ook wordt in de bovenliggende lagen de gebergtevorming die gepaard moet gaan met deze voortgaande zoutverplaatsing niet waargenomen. Vandaar dit nadere onderzoek naar de veronderstelde drijvende kracht achter het diapirisme. Dit rapport
brengt de feitelijke dichtheden in kaart.

Voor de PDF zie: De dichtheid van gesteenten boven het Zechsteinzout in relatie tot diapirisme

Met dank aan dhr. Maatkamp, uitgever van het creationistische boek Wie heeft God gemaakt?. Zie voor zijn website: http://uitgeverijmaatkamp.nl/book/4?p=5

Feedback: scheppingsmodel@hotmail.com

Toelichting op het vulkanisch ontstaan van zoutlagen

Eind 2013/begin 2014 had Leon van den Berg kritiek op het zoutmodel van ing. Stef Heerema (het vulkanisch ontstaan van de zoutlagen). Hij uitte deze kritiek door middel van reacties op een blog van dr. René Fransen. Vandaag een gastbijdrage van Stef Heerema. Hij krijgt zo de gelegenheid om uitgebreid in te gaan op de kritiek van Leon van den Berg. De inhoud van het artikel is niet peer-reviewed.

Met dank aan dhr. Maatkamp (uitgever van het creationistische boek Wie heeft God gemaakt?), die de vormgeving verzorgde en het document tekstueel controleerde. [2]

Voor de pdf:
Toelichting op het vulkanisch ontstaan van zoutformaties

[1] http://www.sterrenstof.info/vorming-van-zoutlagen/
[2] Zie voor de website: http://uitgeverij.eddymaatkamp.nl/recensie/4

Feedback?: scheppingsmodel@hotmail.com

Polystrate dendrolieten: Kennen creationisten de visie van moderne geologen niet?

Onlangs verscheen er op de website van René Fransen een gastbijdrage van Leon van den Berg. Leon van den Berg is afgestudeerd in de structurele ingenieursgeologie (1977-1984) aan de universiteit van Utrecht.
De gastbijdrage had als onderwerp polystrate dendrolieten (poly=veel, stratum=lagen, dendroliet=versteende boomstam); het doel was een creationistisch argument te weerleggen. Het argument, wat een stroman is, maar daarover later meer, was dat geologen menen dat sedimentatie altijd langzaam gaat, en was toegespitst op polystrate dendrolieten. Wanneer het weerleggen van argumenten op een constructieve manier gebeurt, zijn bijdragen van geologen wat mij betreft zeer welkom. Dat bevordert het debat, en ja, creationisten hebben ook vaak ongelijk, of komen ook wel eens tot andere inzichten.

De rest van de weerlegging is in de onderstaande PDF te lezen. Met dank aan uitgeverij Maatkamp die de tekst en de opmaak gecontroleerd heeft. Uitgeverij Maatkamp is de uitgever van het creationistische boek Wie heeft God gemaakt geschreven door Prof. E. Andrews. Zie: http://uitgeverij.eddymaatkamp.nl/book/4?p=3

Polystrate dendrolieten: een reactie op Leon van den Berg

De geomorfologie van Uluru

Over het algemeen werkt het schepping-evolutie-debat polariserend. Dat zag ik ook weer terug bij het congres van o.a. ForumC. Afgelopen week zag ik iets op de website van AIG wat mij bijzonder vrolijk maakte. In 2010 schreef Ken Patrick van Cederville University een artikel over de geomorfologie van Uluru in Australië in Answers Research Journal. Hij maakte daarbij gebruik van het materiaal van de befaamde Australische geomorfologen Twidale en Bourne. Deze mannen zijn bekend met betrekking tot de geomorfologie in Australië.[1] Afgelopen week zag ik dat deze geomorfologen gereageerd hebben, niet in een seculier journal maar in Answers Research Journal![2] In dat artikel wordt niet op de man gespeeld of met modder gegooid maar wordt ingegaan op Patricks argumenten. Vrij snel daarna schreef Ken Patrick weer een reactie.[3] Hij was in deze reactie ook weer netjes op de argumenten ingegaan. Nu gaat het mij niet om de argumenten die aangehaald worden. Het gaat mij op de manier waarop er discussie gevoerd wordt. Ik ben blij dat AIG reacties opneemt in hun online magazine, dat bevorderd de discussie. Laten we meer op deze manier met elkaar omgaan. Paul Garner schreef: “I think it’s great that such a respectful dialogue between creationists and non-creationists has been published in ARJ, hopefully not for the last time.”[4] Daar ben ik het helemaal mee eens.


[1] Patrick, Ken; 2010, Geomorphology of Uluru, Australia, in: Answers Research Journal 3: 107-118

[2] Twidale, C.R.; Bourne, J.A.; 2011, Geomorphology of Uluru, Australia: Discussion, in: Answers Research Journal 4: 163-166

[3] Patrick, Ken; 2011, Geomorphology of Uluru, Australia: Reply, in: Answers Research Journal 4: 167-170